Typisch IJmuiden: de 147ste verjaardag van IJmuiden

In deze rubriek staan we stil bij een typisch IJmuidens onderwerp aan de hand van een foto en naar aanleiding van de actualiteit, een stukje geschiedenis, een bijzondere gebeurtenis, een evenement of gewoon een van de mooie taferelen die IJmuiden biedt. In deze aflevering aandacht voor de 147ste verjaardag van IJmuiden.

Door Erik Baalbergen

Het zal velen ongetwijfeld zijn ontgaan, maar gisteren, 1 november, vierde IJmuiden haar honderdzevenveertigste verjaardag. We nemen, aan de hand van de Amsterdamse courant Algemeen Handelsblad van 2 november 1876, een kijkje bij de ‘geboorte’ van IJmuiden. Onder de kop ‘De Haven van IJmuiden’ doet de krant uitvoerig verslag van de opening van het Noordzeekanaal door Koning Willem III. Deze opening wordt tevens beschouwd als de geboorte van IJmuiden.

Niet klaar

We schrijven woensdag 1 november 1876. Het verslag begint met ‘Van Amsterdam, in drie uur tijds, door het ingepolderde IJ dwars door de duinen naar zee. Deze grootsche gedachte, voor jaren reeds geopperd, aan wier uitvoerbaarheid is getwijfeld, wordt heden, na een arbeid van ruim elf jaren, verwezenlijkt. Al is het werk der doorgraving van Holland op zijn Smalst voltooid en dus het stoute denkbeeld ten uitvoer gelegd, toch heeft de gemeenschap van Amsterdam met de Noordzee nog niet die volkomenheid bereikt, die van een dergelijke verbinding wordt geëischt.’ Vervolgens beschrijft de krant uitgebreid waarom het kanaal nog lang niet klaar is en waarom niet alle schepen Amsterdam kunnen aandoen.

Feestje

Maar desalniettemin vindt de krant dat het tijd is voor een feestje, omdat Amsterdam een ‘reuzenstap voorwaarts’ heeft gemaakt: ‘Toch geloven wij, dat Amsterdam recht heeft feest te vieren, en zekerlijk heeft dit de Amsterdamsche Kanaalmaatschappij, die stellig niet dan na rijp beraad en met de innige overtuiging dat de haven geschikt is voor het uitloopen en binnenvallen van schepen met beperkte diepgang, onder alle omstandigheden, de feestelijkheid heeft voorbereid die heden de edelsten uit stad en land te Velzen heeft vereenigd.’

Over de omstandigheden en het leed van hen die het werkelijke graafwerk onder mensonterende omstandigheden hebben uitgevoerd, wordt gezwegen: ‘De geschiedenis van het Noordzeekanaal zullen we niet ophalen.’ Ja, genoemd wordt nog wel dat de Kanaalmaatschappij ‘na een veeljarigen strijd het resultaat heeft verkregen, waarop zij thans met trots kan bogen’. Met deze strijd worden de kritiek en financiële tegenslagen bedoeld…

Uit alle oorden des lands

Maar laten we nog even naar de opening teruggaan. ‘Uit alle oorden des lands waren ze heden te Velsen saamgestroomd, de dames en heren, om van de opening van het Noordzeekanaal getuigen te zijn.’ Vanaf het station te Velsen lopen de gasten naar een steiger in het kanaal, vanwaar ze met vier stoomboten naar de Noordzeesluizen, de huidige Kleine sluis en Zuidersluis, varen. De sluizen en de terreinen eromheen zijn versierd. Bij de sluizen prijkt onder meer een opschrift met een tekst van Simon Vissering, de bedenker van naam IJmuiden in 1848: ‘God gaf er zijn zegen op, en ziedaar de vrucht: IJMUIDEN, de haven van Amsterdam aan de Noordzee!’ Het weer werkt die eerste novemberdag niet mee; een deel van de versiering is al omgewaaid voordat het feest begint…

De genodigden komen ’s morgens samen in en rond een grote tent ten zuiden van het sluizencomplex. Na aankomst van de koning aan het begin van de middag beginnen de plechtigheden. De president van de Kanaalmaatschappij Josephus Jitta houdt een redevoering. Ook hierin wordt de strijd van ‘de Maatschappij met hare commissarissen’ uitvoerig aangehaald: een ‘onophoudelijke worsteling met de natuur, met de elementen’ en ’tegen allerlei menschelijke vooroordelen en tegenstand’. Het wordt een lange toespraak; er worden ongetwijfeld veel gaapjes onderdrukt bij de hoogdravende woorden. De hele redevoering is voor de liefhebber na te lezen in het Algemeen Handelsblad.

Onstuimig vaartochtje

Na de toespraak vertrekken de koning, diverse hoge gasten en een muziekkorps met het stoomschip Stad Breda door de sluizen naar zee. Maar vanwege de harde wind en regenvlagen, waarbij ‘de zee hol staat en de branding hevig is’, en omdat enkele dames ‘niet prettig te moede’ zijn, wordt het een kort tochtje op zee. Het schip gaat amper de pieren uit. Terug blijft de ‘Stad Breda’ lang in de sluizen liggen, waarbij aan boord allerlei toespraken worden gehouden en penningen en medailles worden uitgewisseld.

Geboorteakte

En dan IJmuiden. Aan boord verzoekt Josephus Jitta de koning een oorkonde te tekenen ter boekstaving van de openstelling van de Haven van IJmuiden. Naast de koning tekenen ook diverse ministers, de burgemeester van Amsterdam en de directeuren van de Kanaalmaatschappij deze ‘geboorteakte’ van IJmuiden.

Na de plechtigheden aan boord vertrekken het gezelschap en de andere feestvierders naar Amsterdam om het feest verder te vieren aan het IJ en in het Paleis van Volksvlijt. IJmuiden is dan wel officieel ‘geboren’, maar is – en blijft, wat Amsterdam betreft – niet meer dan een sluizencomplex met wat noodzakelijke dienstgebouwen…

Op de foto:
Een door de tijd aangevreten kleurenafdruk van de door koning Willem III bij de opening van het Noordzeekanaal getekende oorkonde, die we als geboorteakte van IJmuiden beschouwen. Dit exemplaar komt uit een kanaalkist, die bij de viering van honderd jaar IJmuiden en Noordzeekanaal in 1976 aan leerlingen van de hoogste klassen van de lagere scholen in Velsen is uitgereikt. (Foto: Erik Baalbergen)

Klik hier voor een grotere versie van de foto.